Interview uit Haarlems Dagblad
Han Römer
Tekst: Jan Pieterse
De nieuwe voorstelling van cabaretgroep De Ploeg, 'Vendetta', gaat over de opvolgingsstrijd binnen een maffia-familie
omdat het einde nadert van
hun leider, de Don. Het stuk is
doorspekt met typische 'De
Ploeg-vondsten' als: "Waar is de Don z’n dekbed?
Misschien ligt de Don d’r op." Is De Ploeg-tekstschrijver annex
speler Han Römer soms een
liefhebber van het fenomeen
woordspeling. "Liefhebber?" reageert hij, "het is een neurose! Het is ook heel flauw, maar
ik gooi ze er af en toe tussendoor. Op zich is het van weinig
betekenis, maar ik amuseer me ermee."
De Ploeg, die bestaat uit Viggo
Waas, Peter Heerschop, Joep
van Deudekom, Titus Tiel Groenestege, Genio de Groot
en Han Römer, is voor Vendetta
versterkt met de actrices Marisa
van Eyle en Lies Visschedijk en
de cabaretier Najib Amhali.
Het neerzetten van complexe familiesituaties is De Ploeg niet vreemd. De vorige productie was de toneelversie van Festen, met een gastrol voor Piet Römer, de vader van Han.
"Het begon met De Ploeg als een eenmalige grap, maar het liep uit de hand," vertelt Han, die daardoor als toneelacteur in het cabaret verzeild raakte. "Het eerste programma was pure klucht. Als toneelman kreeg ik te maken met cabaretpubliek dat al lachte als je opkwam. Dat vind ik nu nog wel eens erg gemakkelijk. Maar zo’n warm bad, met mensen die er meteen zin in hebben, is ook prettig. Het staat in schril contrast met toneelpubliek. Dat moet altijd veroverd worden." Omdat het al gauw grappig werd als hij iets deed, denkt Römer dat hij misschien wel altijd cabaretier geweest is. "Maar dat vond ik vroeger te voor de hand liggend. Ik wilde iets vertellen, het publiek wijzer maken. Tot ik merkte dat je juist door de combinatie met humor de mensen ontwapende. Lang geleden, in de prehistorie, had ik bij toneelgroep Baal precies hetzelfde. De vorm was toegankelijk omdat humor het glijmiddel was."
In Vendetta wordt de een na de
ander overhoop geknald, zodat
de voorstelling de laatste tijd
veel lijkt op de werkelijkheid. "De actualiteit probeer je er in te vlechten, maar het is geen zwaar engagement. Het is vooral entertainment." Voordat De Ploeg goed en wel
aan Vendetta kon beginnen,
werd het gezelschap al geconfronteerd met een pijnlijk verlies. Bij de start van de repetities overleed regisseur Willem van de Sande Bakhuyzen. "Dat was een moeizame periode. In
wanhoop heb ik zelf ook nog een tijdje geregisseerd. Noodgedwongen, omdat we geen
echte leider meer hadden. Uiteindelijk ben ik enorm trots op wat wij als ensemble hebben
gepresteerd. Met Willem erbij
hadden we de karakters meer
kunnen uitdiepen. Nu is het cartoonesk geworden, maar
daar is niets tegen."
"Het komt wel dichtbij," realiseert Römer zich na de dood van Van de Sande Bakhuyzen, maar het beangstigt hem niet. "Nee nee nee, ik word er niet bang van." Dan, na een stilte, vertelt hij over zijn vrouw, de actrice Elja Pelgrom, die tien jaar geleden overleed: "Je krijgt te horen dat je ziek bent en drie maanden later is het afgelopen. Dat was een belangrijk punt in mijn leven. Toen heb ik de angst voor mezelf afgelegd. Vanaf dat moment wist ik: als je iets wilt, dan moet je het meteen doen en niet uitstellen tot later. Later bestaat helemaal niet."
Voorlopig blijft Römer doen
wat hij doet: acteren, schrijven en regisseren. "Ik moet er niet
aan denken om te stoppen. Gewoon absurd! Ik ben zevenenvijftig. Mijn vader is zevenenzeventig en die gaat ook weer een
nieuw stuk doen."
<<
Terug
naar het overzicht
.