als journalist

<< Terug naar het overzicht

Interview uit Haarlems Dagblad
Pieter Derks
Tekst: Jan Pieterse

KLASSIEK CABARET MET JEUGDIGE ENERGIE

"Als ik een politicus hoor zeggen 'ik heb zoiets van', dan zit ik me op te vreten. Dan neem ik zo iemand niet meer serieus. Dat heb ik ook met 'groter als' in plaats van 'groter dan'. Dat ergert me. Dus niet: dat irriteert me! Maar andersom heb ik het ook als ik zo'n Donner in prachtige volzinnen hoor praten. Die man heeft een totaal verkeerde boodschap, maar hij bréngt het zo prachtig. Wat taal betreft ben ik een purist, dus ik heb het zwaar in deze tijd."


Op het Amsterdams Kleinkunst Festival bleef het taalgevoel van Pieter Derks niet onopgemerkt. Net als zijn jeugdige leeftijd in combinatie met de klassieke vorm van cabaret.
Dat hij cabaretier wilde worden wist de 21-jarige al vroeg. Op school was hij er altijd mee bezig. Het maken van liedjes kreeg een enorme impuls toen hij, na een mislukte vakantieliefde, thuis zat met een gebroken hart en zich volledig stortte op Acda & De Munnik. "Dat hielp voor geen meter, maar ik kon er wel lekker pathetisch bij kijken. De akkoorden van de liedjes downloade ik van internet en zo heb ik piano leren spelen. Ik had al muzikale scholing opgedaan met de saxofoon, maar daar is heel lastig bij te zingen."

Na de middelbare school ging Pieter Derks naar de Koningstheater-academie in Den Bosch, waar de laatste jaren opvallend veel cabarettalent vandaan komt. "Het is een deeltijdopleiding die bij het Koningstheater hoort, dus je bezoekt zo'n tachtig voorstellingen per jaar. Daar horen nabesprekingen met artiesten bij of workshops. De opleiding is heel praktijkgericht, er wordt vooral gewerkt aan wat jij wil maken in jouw eigen stijl. Er zijn docenten voor spel, zang, logopedie, beweging en dans, maar er is ook veel ruimte om binnen het theateratelier, zoals dat heet, met je klasgenoten aan je materiaal te werken. Het doel van de opleiding is om aan de slag te komen in de praktijk. Dat betekent meestal dat je toewerkt naar een festival. Dat is dan je afstudeerproject."

Het afstudeerproject van Derks heette 'Jong belegen' en hij won er de publieksprijs op het Amsterdams Kleinkunst Festival mee. Nu werkt hij aan zijn eerste avondvullende voorstelling. "Ik zit nog midden in het ontwikkelingsproces, maar mijn programma wordt, als je het in een mooi hokje wilt plaatsen: persoonlijk geëngageerd. Ik vraag me bijvoorbeeld in een verhaal af waarom ik niet durf in te grijpen in bepaalde situaties. Ik bekijk daarin mijn eigenschappen en karaktertrekken, zoals: uit angst niet handelen, de problemen bij anderen leggen en het initiatief doorschuiven. In een ander verhaal probeer ik mezelf in een historische context te plaatsen door de vergelijking te trekken met mijn ouders toen die 21 waren en met elkaar trouwden."
Hoewel hij nog zoekende is, begint de cabaretier steeds meer zijn eigen vorm en stijl te vinden. "Er begint balans te komen in liedjes, conferences, verhalen en poëtische dingen. De insteek van het programma is dat ik jong ben en allerlei dingen ontdek in het leven. Dus in feite vind ik opnieuw het wiel uit. Maar wel op míjn manier."
Bij het zoeken naar het eigene wordt Derks regelmatig geconfronteerd met, aan de ene kant, die jeugdige energie en, aan de andere kant, zijn hang naar het ouderwetse.
"Als ik op middelbare scholen speel, reageren de leerlingen leuk, omdat ik toch nog een beetje bij ze hoor. Die nemen het heel serieus. Maar in het theater moet ik ouder publiek soms echt heel duidelijk vertellen dat ik het allemaal ook niet zeker weet. Anders denken ze al snel: wat staat dat jonge broekie nou te preken. Het is dus de kunst om de juiste toon te vinden.
Maar het gevaar zit er bij mij altijd wel in, dat ik ouwelijke dingen kan zeggen. Tja hoe dat komt, weet ik niet. Misschien omdat ik heel diep van binnen een conservatief denker ben? Kan best hoor, want neem nu de negerzoenen die zonodig anders moeten gaan heten. Dat vind ik verschrikkelijk."



<< Terug naar het overzicht
.